Kijk goed
- Ich stehe um 7 Uhr auf.Ik sta om 7 uur op.
- Er räumt sein Zimmer auf.Hij ruimt zijn kamer op.
- Wir kaufen im Supermarkt ein.Wij doen boodschappen in de supermarkt.
- Der Zug kommt um 10 Uhr an.De trein komt om 10 uur aan.
De regel
Sommige Duitse werkwoorden hebben een begin dat los kan komen: aufstehen, abfahren, zurückrufen. In een eenvoudige mededelende zin staat de vervoegde vorm op plaats twee en het losse deel achteraan: Ich stehe jeden Morgen um sechs auf. Beide delen horen toch bij één werkwoord. In de basisvorm staan ze samen. Kijk tijdens het lezen dus ook naar het laatste woord.
Onthoud: Het werkwoord staat op plaats twee en het losse deel achteraan.
Hoort bij les 5, 19, 23 van de cursus.
Wat voor jou anders is
Het Nederlands heeft scheidbare werkwoorden zoals opstaan; je herkent dus meteen het idee achter Duits aufstehen. Ook in „Ich stehe jeden Morgen um sechs auf” komt het voorvoegsel achteraan. De Duitse woordvormen en voorvoegsels moeten wel afzonderlijk worden geleerd: op en auf lijken op elkaar, maar de keuze hoort bij het specifieke Duitse werkwoord.
De vormen
| Grundform | Präsens | Perfekt |
|---|---|---|
| aufstehen | Ich stehe um sieben auf. | Ich bin aufgestanden. |
| einkaufen | Wir kaufen heute ein. | Wir haben eingekauft. |
| anrufen | Ich rufe dich an. | Ich habe dich angerufen. |
| mitkommen | Kommst du mit? | Bist du mitgekommen? |
| fernsehen | Er sieht fern. | Er hat ferngesehen. |
Veelgemaakte fouten
- *Ich aufstehe um sechs. → Ich stehe jeden Morgen um sechs auf.
- *Der Zug abfährt um neun. → Der Zug fährt um neun ab.
Korte test
- Ich ___ jeden Tag um 6 Uhr ___. (opstaan)Scheid het werkwoord en vul het juist in.
Antwoord
stehe ... auf — Werkwoord op positie 2, voorvoegsel aan het einde - ein / im Supermarkt / kauft / sieZet de woorden in de juiste volgorde.
Antwoord
Sie kauft im Supermarkt ein. — Werkwoord op positie 2, voorvoegsel aan het einde van de zin - Welches Verb ist trennbar?Welk werkwoord is scheidbaar?
- verstehen
- anfangen
- beginnen
- erklären
Antwoord
anfangen — Beklemtoond voorvoegsel = scheidbaar - Er aufräumt sein Zimmer.Verbeter de fout.
Antwoord
Er räumt sein Zimmer auf. — In de hoofdzin wordt het voorvoegsel gescheiden - Wann ___ der Film ___? (beginnen)Vul het werkwoord juist in.
Antwoord
fängt ... an — Stamklinkerwisseling: a→ä, voorvoegsel aan het einde - Wie sagt man 'anrufen' im Präsens mit 'ich'?Kies de juiste zin.
- Ich anrufe dich.
- Ich rufe dich an.
- Ich an dich rufe.
- Ich rufe an dich.
Antwoord
Ich rufe dich an. — Werkwoord op positie 2, voorvoegsel aan het einde
Dezelfde oefeningen komen terug in de cursus — daar onthoudt Langula wat je kent en vraagt het op het juiste moment opnieuw. Gratis Duits leren →
Begrippen
- Scheidbaar werkwoord
- Een deel van het werkwoord staat los aan het einde: ik sta vroeg op.
- Woordvolgorde
- vandaag kom ik.
- Tegenwoordige tijd
- een verbform voor wat nu of regelmatig gebeurt: ik leer.
Werkwoorden
Duits leren, niet alleen erover lezen
De zinnen op deze pagina horen bij de gratis cursus — met uitspraak en herhaling.
Gratis beginnen